Koninginnenach en dag

Het was een rustige Koninginnenach. Vroeg in de avond leek het wat anders te verlopen, toen ik bij het Centraal Station op de tram stond te wachten en een groep jongeren zo hard en zo vals mogelijk zingend en schreeuwend door de hal liep. Lekker keet trappen. Wat moest dat worden als later die nacht de drank zijn werk had gedaan?
Het groepje dat ditmaal van Haag richting stad ging, was erg klein ditmaal. De meesten bleven liever thuis, want ja, het is natuurlijk wel erg massaal op zo’n avond. Naar verluidt zijn er, zo las ik acheraf, zo’n 200.000 – overwegend zeer jonge – mensen van heinde en verre gekomen om feest te vieren.
Bovendien waren er geen echte ‘top-acts’, misschien juist om een al te grote concentratie van mensen met alle risico’s van dien te voorkomen.

Met een wel erg klein groepje – Helmie, Ton en ikzelf – hadden we afgesproken in de Reinkenstraat om daar eerst wat te gaan eten. Dat werd eetcafé Augustus, een vrij bescheiden aanduiding voor een etablissement dat achteraf best de naam ‘restaurant’ mocht dragen.

Later voegde zich – na enig aandringen via de mobiel van onze kant – Margreet bij ons. We hadden inmiddels gegeten en gingen met de fiets naar de stad. Die hebben we eerst in de stalling op de Groenmarkt gezet, en van daaruit zijn we via de kermis naar de Denneweg gegaan. Overal stampvol, 2001, Hathor, dus liepen we terug, richting centrum. Onderweg dronken we onze pils in het rustige theatercafé Cascades op de Lange Voorhout, en toen via Schlemmer (veel te druk, doorlopen!), naar het Plein gegaan en toen verder de stad in. We zijn vluchtig langs wat podium-acts gelopen. Om echt van muziek te genieten kun je toch het beste naar een concert gaan, vind ik.

Di-rect zette de volumeregisters op het Spui flink open, we zochten na korte tijd toch ons heil in een relatief rustig bruin café, De Paraplu. Daar werd het allengs ook drukker en drukker. Wel gezellig daar, leuke muziek van seventies tot nineties. Maar erg laat heb ik het althans niet gemaakt, Margreet en ik gingen even voor twaalven met de fiets terug.KoninginnedagEn zo werd het Koninginnedag. Bij de vrijmarkt in het Statenkwartier, op de Frederik Hendriklaan, kwam ik allerlei mensen tegen. Saskia, waarmee ik even cappucino dronk en een eindweegs ben opgelopen; Aldo die ik al jaren niet had gezien en met zijn musicerende dochter vlak voor het huis stond waar ik een groot deel van mijn jeugd heb doorgebracht; Hans, die ik laatst nog op de planken had zien staan maar nadien niet meer had gesproken. En tal van andere vrienden en kennissen. Dat leidde tot stops, om de tien meter. Ik heb toch nog het een en ander gekocht. Wat niet veel moeite kost, want Koninginnedag is de enige dag van het jaar waarop je nog spulletjes voor vijftig eurocent kunt kopen.Twee kikkerbeeldjes (leuk voor bij de vijver, waar het trouwens al wemelt van de echte kikkers), een box met 5 CD’s (Celtic Music, echte Ierse folkmuziek), een pepermuntplantje en drie LP’s: The Secret Life of Plants van Stevie Wonder (een dubbel-LP eigenlijk), een verzamelaar van Rod Stewart en een LP van Graham Nash en David Crosby. En terwijl Den Haag en Scheveningen vandaag en vanavond in rep en roer waren vanwege Koninginnedag en het bezoek van onze vorstin aan de residentie, gingen wij naar Voorburg om bij vrienden (Diederik en Nel) op bezoek te gaan en daar te eten. Een avondje vol geestelijke, geestige en culinaire kwaliteit.

Crossing Borrel

Het was weer tijd voor de periodieke cultuurborrel bij Louis Behre. Ik was er ook voor uitgenodigd. Een genoeglijk samenzijn met enkele tientallen mensen uit de Haagse cultuurwereld, waarbij de wijn – witte en rode – rijkelijk vloeide.

Ik sprak nog even met Ferry Simonis die onder het motto “Ik heb de pest aan gedichten” al jarenlang een van de interessantste poëzie-evenementen van ons land organiseert, Dichter aan huis. Bekende dichters lezen dan in huiskamers van particulieren voor uit eigen werk. Het is altijd in Den Haag, maar dit jaar ook in Gent. Het is pas in oktober, maar dan ga ik toch eens kijken. Even daarvoor zat ik even vast in een weiland, omdat er problemen waren met de trein. De remmen werkten niet, zoiets. Altijd vervelend, maar het euvel bleek snel verholpen. De korte stop bood wel even de gelegenheid om het rijk bloeiende koolzaad te bewonderen, dat de weilanden tussen Gouda en Zoetermeer momenteel prachtig geel kleurt. Ik zag ook nog twee roofvogels, een kiekendief (zie hieronder) en een boomvalk. En een haas. Vanavond is het Koninginnenach. Veel drukte en muziek in de stad, en later in de nacht een hoop geschreeuw en gelal. Mooi moment om dan weg te wezen.

In het land der blinden….

Tja, laat ik maar niet teveel relativeren. Humor is het wel. Ik heb deze beker gewonnen, nota bene vlak na mijn slechtste 10 kilometer in jaren gelopen…..

Dat heb je ervan, als je regelmatig aan de één van de vier-loop deelneemt en de opkomst bij die lopen soms toch wat mager is. Dan kun je toch nog zesde vijftig-plusser worden. Nou ja, mij hoor je niet klagen natuurlijk.

Hoewel, klagen: vanavond kwam ik weer eens niet op gang. Alweer te laat, pijnlijke en vermoeide benen, ik besloot zelf maar een klein rondje te lopen. En ja hoor: laat ik nou toch weer Hans Simonis cs. tegenkomen! Dus daar toch maar weer achteraan gehobbeld met de stramme ledematen, en vijf maal drie minuten hard meegedraaid. Dat viel niet mee, maar in mijn eentje had ik het nooit kunnen volbrengen. Dus toch blij dat ik het gedaan heb!

Gelijk ingeschreven voor de (halve) marathon van Terschelling op 6 november, en aangegeven dat ik eind mei wel mee wil voor de twintig kilometer van Brussel. Dus moet ik mijzelf weer bij mijn nekvel pakken…..

Verder even niets, maar de komende dagen staan er wel wat leuke dingen op het programma. Hopelijk leidt dat tot crea web-logs!

Taurus – Stier (21 april tot 20 mei)

Een paar dagen over tijd. Met de horoscoopbeschrijving bedoel ik. Want op 21 april kwam de Zon het teken Stier binnenwandelen. Daarmee kwam een einde aan de Aries-periode, een einde van een tijd waarin de spontane, vurige wil van de Ram het begin van het grote werk aankondigde. Alles stond toen in het teken van het prille begin, uitbotten, net als de natuur die op het punt van (her)geboren, uitbarsten stond.

Maar de lente zet door in het teken Stier. Nu staat alles in volle bloei, het blijft langer licht en het wordt allengs warmer. De natuur is op zijn mooist. Planten gaan zich steviger wortelen, vogels leggen de laatste snavel aan hun nest en leggen een ei. En nog een. En meer. Het volle leven is aangebroken. Je kunt zeggen dat de vurige wil van de Ram op dit moment transformeert in de verstoffelijking van de scheppende krachten, in het concreet zichtbaar worden van de lente. In het groen van bomen en weiden, in bloemen, in de geboorte van nieuw leven. Dit is de periode die hoort bij Stier, het teken van wortelen en volharding. “Met beide benen op (in) de grond”. Robuust, kordaat, stevig. Ziehier de Stier ten volle uit. Een ‘No Nonsens’ type. In negatieve zin is hij koppig, halsstarrig, verongelijkt, passief, traag en een tikje achterdochtig. Zijn positieve kanten: trouw, zorgzaamheid, geduld, levensgenieter. Maar hij is allesbehalve een doetje! De Stier is praktisch, realistisch, vastbesloten en volhardend, werkt graag samen met anderen, is gericht op concreet en praktisch denken en handelen. Stier is een vast aardeteken en dat maakt praktisch, beheerst en passief. Ze zijn bijna altijd goedgehumeurd en houden van knuffelen. Ook zijn ze bijzonder sensitief en hebben ze veel behoefte aan veiligheid en zekerheid. Vaak zijn ze ook heel kleurgevoelig en kunnen een muzikale aanleg bezitten.De Stier houdt niet zo van onverwachte avonturen, die zijn levensritme verstoren. Hij heeft als het ware de tijd nodig om de dingen op een rijtje te zetten. De indrukken die hij in zijn kindertijd heeft opgedaan worden niet makkelijk vergeten en kunnen zijn hele verdere leven van invloed zijn. Hij is ook een mens van trouw, van herhalingen, dogma’s. Iemand die geneigd is stokpaardjes te berijden. Niet iemand die gemakkelijk van (levens)opvatting veranderd.

Kenmerkend voor de Stier is ook zijn feeling voor geldzaken. Hij zal dat niet snel over de balk gooien, hij houdt van degelijk investeren. Op het gebied van lichaamsbeweging kan er een zekere luiheid bestaan. Hij moet zich er echt toe zetten om te gaan joggen of naar fitness te gaan. Er kan aanleg zijn tot overgewicht, vooral omdat een Stier ook van lekker en gezellig eten houdt.

Stieren zijn van nature sensueel en liefhebbend, maar kunnen ook bezitterig zijn. De Stier zal zich niet aan de eerste de beste binden, want liefde moet niet alleen gestoeld zijn op werkelijkheid, ze moet ook liefst een levenlang standhouden. Emotionele schokken verwerken kost erg veel tijd. Als een Stier-mens zich in de steek gelaten voelt, kan dit voor de rest van het leven voor wantrouwen zorgen. Maar àls een Stier-mens eenmaal denkt van iemand te houden, dan is er niemand meer die daar nog enige invloed op uit kan oefenen. Alles vindt dan plaats op zijn eigen kalme, zorgvuldige maar volhardende wijze.

Een Stier heeft er een broertje dood aan om opgejaagd te worden of ergens toe te worden gedwongen. Hij wil in alle kalmte en rust beslissingen kunnen nemen. In tegenstelling tot het voorgaande teken, de Ram, zal de Stier zelden fouten maken door overhaaste, impulsieve besluiten. Stier is ‘de bouwer’ van de dierenriem. Soms is een Stier-mens wat al te tevreden over wat het leven te bieden heeft, en kan er een onderstroom zijn van onlustgevoelens die steeds moeilijker te onderdrukken valt. Zelfmedelijden en -beklag kunnen dan de kop opsteken.Bekende Stieren: (o.a.) Tony Blair, Adolf Hitler, Saddam Hoessein, Ayatollah Khomeini, Johan Cruijff, David Beckham, Prins Willem Alexander, Katherine Hephurn, Annie M.G. Schmidt, Cher, Jomanda, Enrique Iglesias, Stevie Wonder, Jack Nickolson en Ron Brandsteder.

Running Men: slank als asperges

Te laat was ik voor de training. Of eigenlijk, net iets te laat. Ik ging al lopend van huis naar de baan, waar ik om 19.10 uur arriveerde. Alle groepen waren al vertrokken. Maar nee, toch niet: enkele lopers – waaronder Hans Simonis, Henk Kop, ‘mooie’ Marvin en twee jonge sterke lopers (hun namen willen mij even niet te binnen schieten) – zag ik verderop wat inlopen, op en rondom de baan. Ik had mij net voorgenomen om een beetje ‘voor mijzelf’ te gaan lopen, maar Marvin vroeg of ik meeging. Zo gezegd, zo gedaan. Trainer Hans had een korte, maar aardige en redelijk pittige training op het programma staan, waarbij het accent op looptechniek kwam te liggen. Knieheffen, korte versnellingen waarbij we goed met onze armen moesten zwaaien, acht keer tweehonderdjes snel met tussendoor telkens vierhonderd meter rustig, ontspannen uitlopen, de bal vijf keer boven het hoofd brengen (in vijf series), etcetera. En alles op de baan, wat ik zelf altijd fijne trainingen vind. Al met al hebben we amper een uurtje getraind, maar we voelden wel dat we iets gedaan hadden.

Aspergetijd
And now something completely different! Het is aspergetijd. Nou ja, bijna. Ze zijn al te koop, zag ik. Op internet zijn talrijke recepten te vinden, ik geef hierbij de meest traditionele, waarbij de smaak van de groente zelf het meest zuiver tot zijn recht komt.

Maar wat is het nu eigenlijk voor soort groente, die lange witte (maar ook violetkleurige en groene) stengels die nog het meest weghebben van een eh…..nou ja, je weet wel.De asperge (Asparagus officinalis L.) behoort tot de familie van de lelieachtigen, net als – bijvoorbeeld – de lelie en de prei. Het is een meerjarig gewas, dat doorgaans tien jaar op hetzelfde perceel blijft staan. Een bijzondere plant, niet alleen vanwege de vorm maar ook door groeiwijze, kleur, voedingswaarde, smaak en geneeskracht. Wat dat laatste betreft: de asperge is een medicijn bij leverstoornissen, onvoldoende nierfunctie, vermoeidheid, bloedarmoede, impotentie(!) en hartkloppingen. Ze is ook zeer geschikt voor diabetici. Het is vooral de stof asparagine die ‘t ‘m doet want deze bevordert nieuwe celvorming en bovendien is de groente een geweldige vochtafdrijver.

De asperge is al een zeer oude groentesoort. Oorspronkelijk kwam hij uit Azië, maar in de piramide van Sakkara (Egypte) zijn afbeeldingen van asperges gevonden van vijfduizend jaar voor Christus. De Grieken noemden de asperge asparagos wat zoveel betekent als: de ‘niet gezaaide’. In die tijd groeide de asperge in het wild en werd ook gebruikt voor medicinale doeleinden en het tooien van belangrijke dames. Via Italië en Frankrijk, waar de asperge vooral in kloostertuinen werd geteeld, vond de verspreiding plaats naar Noordwest-Europa. Steeds meer kreeg de asperge betekenis als culinaire groente.

In Nederland ligt de bakermat van de asperge meer dan een eeuw geleden achter de duinen van het Westland en het tegenwoordige bollengebied bij Rijnsburg en omgeving. Voor de Tweede Wereldoorlog breidde de teelt zich vooral uit naar Bergen op Zoom en omgeving. Na de wereldoorlog werd Zuidoost-Nederland hét asperge-centrum van Nederland. De condities waren er gunstig: er waren veel rulle zandgronden waar de asperge zich thuis voelt, er was een grote veiling en het Duitse Ruhrgebied, als grote afnemer, was in de directe nabijheid.

Wie nog meer wil weten over de asperge, ga dan naar de site van de Stichting Afzetbevordering Asperges.

Maar één recept kan er wel af. Of twee, liever gezegd. Het meest elementaire, ‘basic’ aspergegerecht dat ik ken bestaat, behalve uit de groente zelf, uit hardgekookte eieren, (been)ham en gesmolten boter met een vleugje nootmuskaat, en dat opdienen met gekookte aardappelen. En een goed glas witte wijn erbij, een mooie Moezel bijvoorbeeld, of een Spätlase. Eenvoudig dus, maar misschien juist daarom zo smakelijk en puur.

Ook het onderstaande recept is niet zo ingewikkeld, het is een variant op de hierbovengenoemde, meest basale vorm.

Ingediënten

1kilo witte asperges
1/8 liter slagroom
1 theelepel tomatenpuree
1 eetlepel citroensap
2 eetlepels verse peterselie fijngeknipt
20 gram roomboter
zout/ peper
150 gram beenham of achterham in reepjes gesneden
2 eieren

Bereiding
Schil de asperges voorzichtig met een dunschiller net onder de kop tot beneden. De houtachtige uiteinden (± 2 cm) eraf snijden. De asperges in een ruime pan met koud water en het zout en een theelepel suiker aan de kook brengen. zet het vuur laag en laat de asperges ± 8 á 10 minuten koken (hangt af van de dikte en kwaliteit). Laat ze in de gesloten pan nog een minuut of 10 staan om na te garen. Haal ze voorzichtig uit het vocht en laat ze op een schone theedoek even uitlekken.
Kook ondertussen de eieren hard. Pel deze en prak ze fijn. Maak nu de saus.

De saus
Doe de slagroom in een steelpannetje met wat zout en vers gemalen peper, tomatenpuree, citroensap en de fijngeknipte peterselie. Breng het al roerend aan de kook, laat het heel kort doorkoken. Voeg de boter toe en laat deze smelten. Pel de eieren en prak ze met een vork fijn. Verdeel de asperges over de borden . Strooi er de eieren kruim overheen en de hamreepjes. En verdeel de saus erover.
Lekker met gebakken of gekookte aardappelen.

Eet smakelijk!

Van dovenetel tot agapornis

Het was een bijna zomerse zaterdag. De hele dag scheen de zon volop. Een beetje overbodige constatering achteraf eigenlijk, want dat zal niemand zijn ontgaan. Voor mijzelf werd dit een dag van afwisselend zonnebaden en tuinieren. Als zonliefhebber krijg ik, zodra het een beetje warmer wordt, wat asociaal-luie trekjes. Nou ja, het valt wel mee, ik heb ook nog boodschappen gedaan, het gras gemaaid en de planten in de grond gezet.

Aan de achterkant van de vijver heb ik de bontgevlekte dovenetel (Lamium Maculatum) gezet, vijf exemplaren. Het is een vrij beschaduwde plaats, dus ze zouden het daar goed moeten doen. Afwachten maar. Daarnaast, waar de zon iets meer vrij spel heeft, zij het ook niet overdadig, plantte ik de hertshooi (Hypericum Olympicum). Dat is een laagblijvende, wat kruidige plant die van de zomer allemaal gele bloemetjes gaat krijgen. Dan gaat het er ongeveer uitzien zoals hierboven.Tegen de muur, achter de buddlea of vlinderstruik, plantte ik het paarse vingerhoedskruid (Digitalis Purpurae). Drie exemplaren, die – als het goed is – flink omhoog zullen schieten en in juni gaan bloeien.

Achterin de tuin stonden allemaal van die stenen potten opeengestapeld. Een paar daarvan heb ik vrij- en leeggemaakt, daar verse (pot)aarde in gestort en beplant met respectievelijk Margriet, Fuchsia en – naderhand, na dit bij het tuincentrum te hebben aangeschaft – Lavendel.

Agapornis
Even nadat ik thuis kwam van boodschappen doen, kwam mijn dochter binnen met een doosje in haar hand. “Ik heb een Agapornis gekocht!” (ik moet die naam steeds opzoeken, ik spel ‘m altijd verkeerd). Daags ervoor had ze via marktplaats (of zoiets) een kooi gekocht. In het doosje zat het jonge papegaaitje.
Ze kwam even langs om snel wat spulletjes te pakken, daarna ging ze naar haar eigen huis om het diertje in de kooi te zetten. Naderhand bleek dat de ruimte tussen de spijlen te groot was, zodat de vogel kon ontsnappen. Iets dat hij prompt deed. Dus die avond op marktplaats gekeken, en via die site iemand ontdekt die vlak in de buurt bleek te wonen en een mooie grote kooi in de aanbieding had. Die nieuwe kooi staat nu bij Daphne thuis en de papegaai is opnieuw geïnstalleerd. Dat ging echter niet zonder slag of stoot, want bij het overbrengen van de ene naar de andere kooi had hij mijn dochter dankbaar – maar vooral pijnlijk – in haar vinger gebeten.

Ik was nog even bij haar thuis vanmiddag, en heb een plaatje geschoten van de Agapornis, die toen nog in de ‘foute’ kooi zat.

Zondag: de 1 van de 4
Onbegrijpelijk. Ik liep hartstikke lekker bij die tien kilometer van Sparta vanmorgen, naar mijn gevoel zelfs redelijk snel, maar mijn eindtijd was – relatief – bedroevend, ruim 48 minuten. Twee weken geleden liep ik bij de HRR ruim 44 minuten. Toegegeven, ik heb deze week nagenoeg niet getraind, was verkouden, had eerder deze ochtend nog wat krachttraining gedaan, moest onderweg de planten water geven, maar daar heb ik hooguit een minuutje op verloren. Bovendien liep ik daarna een aantal lopers voorbij. Ik hoorde achteraf dat het parcours driehonderd meter langer was, maar dat weet ik nog zo net niet. Nee, ik heb geen goed smoesje. Nogmaals, ik heb naar mijn gevoel goed gelopen. Nou ja, we hebben weer aan sport gedaan, zullen we maar zeggen. Bij de Golden Ten in Delft op 5 mei hoop ik weer iets sneller te mogen gaan. Deo Volente, inderdaad.

De rest van de dag was wonderschoon, qua weer dan. Niet veel meer uitgevreten, in de tuin gezeten, geluierd. De rest van de dag en avond hou ik het rustig.

Het getemde denken

Een paar dagen terug werd ik door ex-collega Peter Jansen, nu ambtelijk adviseur van het gemeentebestuur te Hilversum, uitgenodigd voor de presentatie van een boek van Barend Smit, voormalig wethouder cultuur van die gemeente.
Deze happening vond vrijdagavond plaats in Groot Kievitsdal. Ik had om half vijf op het gemeentehuis afgesproken, van daaruit zouden we met de fiets gaan. Voordat we vertrokken, liet Peter mij nog een serie zeer fraaie foto’s van Berlijn zien, die hij er onlangs had gemaakt. Opvallend was dat de troosteloosheid van het voormalige Oost-Berlijn nog steeds zichtbaar is, al zal er na de val van de muur wel het een en ander zijn veranderd.

Iets te laat arriveerden we in Groot Kievitsdal, de auteur was net bezig een toelichting te geven op zijn boek met de prikkelende titel Het getemde denken (ondertitel: onderwijs, cultuur en het volle leven). Ook citeerde hij passages uit diverse hoofdstukken.

Ik moet het uiteraard nog lezen, maar volgens de achterflap is het een boek dat gaat over “levenskunstenaars, museumdirecteuren en alledaagse dingen”. Misschien niet de meest voor de hand liggende combinatie, maar gaandeweg begreep ik dat Barend Smit er niet de man naar is om voor de hand liggende, veelbegaande wegen te bewandelen.

De tekst op de achterflap vervolgt: “De informatieve vertelstijl van Barend Smit prikkelt en inspireert. In zeven cultuurhistorische vertellingen worden naakte feiten, humorvolle meningen en prikkelende observaties uit de wereld van het onderwijs, de architectuur, de musea en het volle leven smaakvol opgedist”.

Smit zelf zegt over zijn boek: “Elk van de zeven verhalen heeft iets historisch. Het idee is dat de mens zonder verleden doelloos naar de toekomst zwerft. Geschiedenis geeft zicht op het menselijk bestaan. Mensen maken geschiedenis. Heel gewoon. Gek genoeg. In een verbrokkelde samenleving speurt de mens naar zingeving. Zo schept hij zijn eigen leven, balancerend tussen individuele vrijheid en solidariteit. Als we zelf niet kiezen, dan wordt er voor ons gekozen. Dan volgen we slaafs de lokroep van de kudde. Dit boek gaat vooral over mensen die balanceren tussen individuele vrijheid en regelgeving. De tredmolens van het leven zetten de mens in beweging. Alleen verandering van tredmolen, wet, ritueel, systeem, beleid, compromis of politiek brengt verandering in het getemde denken.” Er was ook een muzikaal intermezzo in de – fraaie – vorm van fluitiste Elena Ekichina en gitarist Ozan Saritepe. Even daarvoor had Smit nog uiteengezet hoe hij een verblijfsvergunning voor haar had geregeld; anecdote of niet, dat werd mij niet helemaal duidelijk. Een mooi verhaal was het wel.Bas de Koning, directeur Eduniek in onderwijs en ooit kamergenoot van Smit, gaf, als eerste lezer, kort commentaar op het boek. Hij prees de originaliteit en eigenzinnigheid van de schrijver.

Het eerste exemplaar van het boek werd uitgereikt aan Professor ir. Hans Ruijssenaars, de welbekende en door de auteur zeer bewonderde architect. Dit laatste niet in de laatste plaats omdat Ruijssenaars ook altijd zijn eigen(zinnige) gang ging en gaat, soms tegen alle trends en ‘getemde denken’ patronen in.

Vervolgens kregen alle genodigden een exemplaar van het boek uit handen van de auteur. Ik ga het zeker lezen, sterker: ik ben er al in begonnen. Het begint veelbelovend, Smit heeft een zeer pakkende schrijfstijl. Ik ben benieuwd naar het vervolg.Na afloop was er een uitstekend verzorgd koud en warm buffet ‘d’été’ met een overheerlijk ijsbuffet na. Ik heb weer genoeg calorieën geconsumeerd voor het komende sportieve weekend!