Hardlopers leven langer

Toch leuk om te lezen. Ik loop al 37 jaar lang meerdere malen per week hard, puur voor de lol. Competitiedrang was daarbij nooit een drijfveer – daar was en ben ik niet goed genoeg voor – of het zou de competitie met mijzelf moeten zijn. Maar ik heb mij al die jaren wel fit gevoeld, mede door dat lopen, denk ik.

Nu lees ik vanmorgen in de krant dat mensen die meerdere malen per week intensief bewegen, met name hardlopen, langer leven. Voor menigeen oud nieuws, maar nu is het wetenschappelijk onderzocht, en dan is het zo (volgens onze westerse normen)…. Sportieve mannen winnen 3,8 jaar en de dames 3,5 jaar.
Een en ander blijkt uit een onderzoek van ene Franco Durán, die daarmee vandaag promoveert aan de Erasmus Universiteit.

Ach, je moet dit soort gegevens met de nodige nuchterheid bekijken (mijn vader heeft nooit een meter hardgelopen maar is wel 88 jaar en nog niet aan het eind van zijn latijn), en ik kan morgen ook onder de tram komen. Maar slecht is hardlopen dus niet, blessures daargelaten. Dus ik ga vanavond maar weer mijn rondje doen……..

Korte stop

Het komt niet vaak voor, maar gisteren was het opeens zo druk dat ik niet meer aan een weblog ben toegekomen. Vandaag zal helaas niet anders zijn…. Tot vanavond laat of morgenochtend!

Stroeve Fred en dito mobieltje

Gisteravond was het plan om een tot anderhalf uur rustig (uit) te lopen. Deels vanwege de vijf kilometer voluit daags ervoor, deels omdat ik wijs(?) geworden was door de ervaring van vorige week. Van de voortvarende maandagtraining toen, in combinatie met de Beach Run twee dagen ervoor, heb ik namelijk de hele week de naweeën ondervonden. Of zou ik vandaag eens in een lagere groep gaan trainen? Ik besloot toch maar om al lopende via de Laan van Poot te gaan, al was het maar om degenen die mij dit weekend wellicht op mijn mobiel hadden gebeld te verontschuldigen. Inderdaad had Helmie mij SMS-jes gestuurd, ze dacht dat ‘er iets was’ omdat ik niet had geantwoord en niets van mij had laten horen. Er was inderdaad iets, ik kon niets lezen of beluisteren, dus ook niets beantwoorden. Het ding is namelijk kaduuk. Gelukkig heb ik juist gisteren een nieuwe Nokia ontvangen, een hippe lichtgewicht met velerlei mogelijkheden. Mijn dochter vond het leuk om ‘m in te stellen, ze was er zeker een uur mee bezig. Scheelt mij weer werk natuurlijk. Hij moet wel 24 uur opladen, dus vandaag nog maar niet bellen…

Maar terug naar de training. Op het programma stonden zeven maal duizend in 15 kilometer tempo. Moest te doen zijn. Ik wilde mij bewust rustig houden en niets forceren. Het gevolg was wel dat ik steeds achteraan liep en de tempo’s aanmerkelijk langzamer dan de rest – in vier keer van 4’36” oplopend tot 4’48” per kilometer – aflegde. Op zich niets mis mee, alleen ging zelfs dat moeizaam. Mijn knieën protesteerden, en psychologisch gezien loopt dat helemaal-achteraan-gehobbel ook niet lekker. Ook al omdat je het gevoel hebt dat je niet eens zó langzaam gaat, het kostte mij toch inspanning inclusief hijgen en zweten. Dus na die vierde keer besloot ik mijn eigen duurloopje te hervatten. De laatste tien minuten daarvan ging ik toch weer relatief snel.

Zondag wil ik aan de halve marathon meedoen in Voorschoten, de Vlietloop. Vanaf morgen ga ik elke dag wat minder lopen en bouw nog een paar rustdagen aan het eind van de week in. Toch eens kijken hoe het dan gaat.

Kopfoto

Eindelijk is het mij dan gelukt – nou ja, gelukt, het begin is er – om een kopfoto aan te maken. Wat knip- en plakwerk in Paint en PhotoStudio, wat gestoei met mijn afbeeldingen, verkleinen, vergroten. Nee, een makkie was het zeker niet.

Het is het misschien nog niet helemaal, de kopfoto – en die kop al helemaal niet, maar zo ben ik nu eenmaal geboren – maar er wordt aan gewerkt. Nog wat sleutelen aan de letters, de kleur misschien en nog zo wat van die dingetjes.

Vanmorgen heb ik nog de Kerkpolderloop gedaan, ik voelde mij niet topfit maar kon net onder de 22 minuten finishen. Hans Verbeek ging ook weer lekker, hij liep zo’n 20.35 of daaromtrent. Het was wel erg warm, een uur nadat ik had gedouched gutste het zweet nog uit alle porieën. De laatste Kerkpolderloop van dit seizoen alweer, het herfstseizoen komt nu met vele loopevenementen…..

De tand des tijds – Curved Air

‘What a Fool I’ve been: I did not live my dreams’.

Een rustig dagje vandaag. Vanmorgen heb ik voor het eerst sinds woensdag gelopen, zij het heel kort: 35 minuten. Mijn knieën voelden nog de herinnering aan de Beach Run en de maandagavondtraining, maar niet meer zo erg als woensdag. Ik denk echter dat een PR er morgen bij de laatste Kerkpolderloop van dit jaar niet in zit. Toch ga ik maar.

En nu…… Muziek!

Darryl Way anno 2005 nog steeds actief als musicus

Een van de grondleggers van de Britse progressieve rockmuziek was Curved Air. Deze sixtiesband was uniek, niet alleen door de repertoirekeuze – een mix van klassiek (het waren en zijn liefhebbers van o.m. Bach en Vivaldi) en rock – maar vooral door de combinatie van mensen.

Curved Air in een latere bezetting, met Stewart Copeland (links)De band bestond uit een zangeres met een unieke stem – de nog steeds zeer actieve Sonja Kristina – en virtuoze muzikanten: Francis Monkman op keyboards en gitaar, Darryl Way op electrische viool, Florian Pilkington-Miksa aan de drums en Rob Martin op de bas. Stuk voor stuk inventieve en innovatieve artiesten die een hele generatie inspireerden met hun spannende en magische live-optredens. Bij het grote publiek was Curved Air, als Art Rock Band, niet zo bekend, alhoewel hun latere drummer Stewart Copeland deel zou gaan uitmaken van het wereldvermaarde trio The Police. Toch is er in de jaren zestig een nummer van het Second Album van Curved Air als single uitgebracht, Back Street Luv. Dat werd toentertijd een grote hit en kreeg veel airplay.Een geweldige song – op een wonderlijke manier ook nog wat gelijkend op Deep Purple van het smooth American duo April Stevens en Nino Tempo (zie vorig log).Sonja Kristina anno 2005 nog steeds zeer actief als zangeresEn Stewart Copeland is ook nog steeds bezig, hier tijdens een presentatie.

De tand des tijds – Nino Tempo en April Stevens

Ditmaal artiesten die misschien niet tot ‘s werelds allerberoemdsten behoorden, maar onsterfelijke muziek hebben gemaakt. Muziek van onaardse schoonheid en kwaliteit, al is het maar één hitje dat in het muzikale geheugen blijft gegrift.

Als je mij nu zou vragen wat ik de beste popmelodie aller tijden vind, luidt het antwoord: Deep Purple van April Stevens en Nino Tempo. Het is een heel kort nummer uit 1963, een duet eigenlijk. Heel simpel, heel sober, met een gesproken middenstukje en een melancholiek mondharmonicaatje.

When the deep purple falls over sleepy garden wallsAnd the stars begin to flicker in the skyThrough the mist of a memory you wander back to meBreathing my name with a sighIn the still of the night once again I hold you tightThough you’re gone, your love lives on when moonlight beamsAnd as long as my heart will beat, lover we’ll always meetHere in my deep purple dreamsHere in my deep purple dreams

Tja, geen verheven poëzie wellicht, een hoog Candlelight gehalte, maar wat een prachtige melodie. Ontroerend, perfect, van een volmaakte schoonheid. Helemaal goed.

Nino Tempo is eigenlijk saxofonist en zanger. Hij en zus Nino – geboren als Carol en Antonio LoTempio in Niagara Falls, New York – kregen in 1963 een Grammy voor ‘Deep Purple’, als beste Rock & Roll Song dat jaar. En in oktober 1999 werden ze opgenomen in de Buffalo Music Hall of Fame: een passend tribuut voor twee van de meest veelzijdige avonturiers van de vroegere popmuziek. Legendarisch is het verhaal dat Tempo nog maar zeven jaar oud was toen hij bij een concert van de grote Benny Goodman brutaalweg het podium beklom – nadat zangeres Peggy Lee haar lied had gedaan – en hem vroeg een liedje te mogen meespelen en zingen. Dat mocht, en het heeft tot meerdere optredens bij Goodman geleid. Vanaf dat moment heeft Tempo nooit meer het podium verlaten. Als klarinettist en saxofonist was hij net zo brilliant als zanger en componist. Hij werkte onder meer met zijn vriend Phil Spector en was een veelgevraagd sessiemuzikant. Een interessante biografie en interview met de man staat op deze site.

Wat zus April betreft, in de jaren vijftig was zij een befaamde zangeres die met haar meisjesachtige onschuld en zwoele, sexy stem menig mannenhart sneller deed kloppen.

Leven ze nog en zo ja, doen ze nog iets in de show-bizz? Van Nino vond ik alleen deze recente foto. Hij staat hier rechts.

Van April is de meest recente foto deze uit 1999, waarop zij een Award in ontvangst neemt. Ik ben er niet achter gekomen of ze nog optreden. Ze behoren niet meer tot de jongsten, ze zullen zo rond de zeventig zijn nu. Maar ze hebben hun sporen in de muziekindustrie verdiend, zoveel is duidelijk.

Amsterdam lacht, waar het eens heeft gehuild

Tegen de voorspellingen in, was het gisteren prachtig weer in Amsterdam. Naarmate de dag vorderde liet de zon zich steeds meer zien. Eerste doel van de wandeling was het bezoeken van het Oostelijk havengebied, maar eerst: koffie! Vlak bij de Zeedijk, op een pleintje, vonden we een aantrekkelijk café met buitenterras. De koffie verkeerd van mijn partner was zeker niet verkeerd en de cappucino met appeltaart was prima. Een goede start voor de lange stadswandeling die wij voor de boeg hadden.


We moesten nog een flink stuk lopen om bij het Oostelijk havengebied te komen, temeer omdat de grote brug die het westelijke deel met het oostelijke verbindt, door werkzaamheden is afgesloten.

We hebben een tijdlang door de parkjes en straatjes met de moderne en gevarieerde architectuur gewandeld en zijn daarna op een buitenterras bij een café gaan zitten voor een glas versgeperste jus d’orange. Vervolgens ging de wandeling naar en door het centrum, waarbij we Artis aan de achterkant passeerden met rechts van ons de 19e eeuwse, tot appartementen omgebouwde entrepotpakhuizen aan de Cruquisweg (de gebouwen ‘Maandag’ tot en met ‘Zondag). Ook heel bijzonder. Zo zijn wij, via Sarphatistraat en Plantage Middenlaan, richting Hortus Botanicus gelopen.

Daar hebben we eerst gelunchd. Uitstekend broodje oude kaas, wederom lekkere koffie en thee, en dat voor heel redelijke prijzen. Het was overigens druk, opvallend veel studentikoos publiek.

In de Hortus hebben we diverse kassen bezocht met exotische en (sub)tropische planten. Een van de kassen was tot een ware jungle omgetoverd met mini-meertjes, bruggetjes en paadjes naar boven. In een andere vlogen kleurrijke vlinders rond. Verder hebben we gewandeld over en door kronkelige paadjes in de tuin zelf. De zon scheen inmiddels constant. Na de Hortus zijn we richting Jordaan gelopen, eens de buurt van ‘de gewone man’, nu een echte Juppenwijk. Wat niet wegneemt dat er nog authentiek Jordanese café’s zijn waar Johnny Jordaan en Tante Leen nog steeds volop worden gedraaid.Op het terras van één van die café’s was de volgende pitstop. We zaten daar met een goed glas witte wijn ‘uit het vat’. Daarna weer gewandeld, een aantal leuke winkeltjes bezocht en ter afsluiting van de dag bij ‘een Italiaan’ (Pe-Pe in de Westerstraat) gegeten. Het was een mooie dag. Weer energie opgedaan voor de komende werkzame dagen!